Geen categorie

Watersnood

Wat indien werknemers niet kunnen komen werken omwille van (de gevolgen van) de hevige regenval en overstromingen?

Tijdelijke werkloosheid overmacht

Tijdelijke werkloosheid wegens overmacht veronderstelt dat de uitvoering van het werk tijdelijk volledig onmogelijk is.

Als voorbeelden haalt de RVA aan dat dit het geval is indien de werknemer het werk niet kan uitoefenen omdat de plaats van tewerkstelling is ondergelopen, de infrastructuur van de werkgever is aangetast of vernietigd of omdat de werknemer niet op de plaats van het werk kan raken doordat het openbaar vervoer onderbroken is of doordat de wegen overstroomd zijn.

Er wordt daarnaast door de uitzonderlijke situatie ook tot en met 15 augustus 2021 aanvaard dat omstandigheden die op zich het werk niet rechtstreeks onmogelijk maken toch een reden kunnen zijn om tijdelijke werkloosheid wegens overmacht in te roepen. Het gaat om situaties waarin de werknemer getroffen is door ernstige schade of verliezen en daardoor in de onmogelijkheid is om te gaan werken omdat hij prioriteit moet geven aan nieuwe huisvesting zoeken, de opkuis of herstellingswerken van zijn woning, zijn schadedossier regelen of naar alternatieve vervoermiddelen zoeken.

De RVA staat tijdelijke werkloosheid wegens overmacht in deze gevallen dus toe, zowel voor arbeiders als bedienden, als het personeelslid:

  • niet in de mogelijkheid is te telewerken
  • voor die dag(en) niet al vakantie of inhaalrust opnam
  • voor die dag(en) geen recht heeft op gewaarborgd loon omdat men al naar het werk was vertrokken
  • op geen enkele andere manier het werk kon bereiken

De RVA aanvaardt in die situaties ook dat de tijdelijke werkloosheid wegens overmacht alternerend kan zijn (het personeelslid moet met andere woorden niet doorlopend tijdelijk werkloos worden gesteld of er kan worden afgewisseld tussen de werknemers).

Voor deze uitzonderlijke situaties van tijdelijke werkloosheid gelegen in de periode van 14 juli tot en met 31 juli 2021 geldt een vereenvoudigde aanvraagprocedure.

Uiteraard geldt deze mogelijkheid tot tijdelijke werkloosheid enkel voor contractuele personeelsleden.

Rechtsbron: https://www.rva.be/nl/nieuws/uitzonderlijke-weersomstandigheden-overstromingen-specifieke-regelingen-voor-de-werkloosheid

 

Te laat op het werk

Het zou kunnen dat een personeelslid te laat op het werk aangekomen is omdat hij onderweg geconfronteerd met onvoorziene (mobiliteits)problemen door de overstromingen (ondergelopen wegen, niet rijden van openbaar vervoer, …).
In deze situatie dient het bestuur een contractueel personeelslid op basis van artikel 23 WAO (gewaarborgd dagloon) het volledige loon voor die dag te betalen.
Een statutair personeelslid kan eventueel beroep doen op artikel 172 BVR RPR (overmacht).


Stopzetting zomerkamp

Ophalen kind

Indien een personeelslid tijdens de arbeidsdag zijn kind diende te gaan ophalen omwille van de stopzetting van het kamp door overstromingen, kan een contractueel personeelslid zich beroepen op artikel 23 WAO (gewaarborgd dagloon) en zal het bestuur de volledige dag loon dienen te betalen. Een statutair personeelslid kan eventueel weer beroep doen op artikel 172 BVR RPR (overmacht).

Opvang van het kind de volgende dagen

In tegenstelling tot stopzetting van een zomerkamp omwille van corona, is er geen mogelijkheid voorzien voor aanvraag tijdelijke werkloosheid overmacht in geval van stopzetting van een zomerkamp omwille van wateroverlast.

Een contractueel personeelslid zou zich eventueel kunnen beroepen op ‘verlof dwingende redenen’ (een niet te voorziene gebeurtenis die losstaat van het werk). Op basis hiervan heeft men een recht op 10 dagen onbetaald verlof.
In andere gevallen dient het personeelslid zich te beroepen op de opname van verlofdagen, inhaalrust voor overuren of het onbetaald verlof.


Rampenverlof

De PVDA is voorstander om met onmiddellijke ingang een ‘rampenverlof’ in te voeren.

“Terwijl de slachtoffers van de overstromingen geconfronteerd worden met het heropbouwen van hun leven, moeten sommigen onder hen al terug aan het werk. Dat is een onmogelijke situatie”, stelt de PVDA.

“Duizenden burgers staan voor een administratieve rompslomp (o.a. verzekeringen) terwijl de papieren hiervoor nodig vernietigd zijn. Daarnaast staan velen voor dagen opruimwerk of, erger, dient men op zoek naar een nieuwe woning. Sommigen zijn ook hun wagen kwijt en raken niet meer naar het werk of hebben opvang nodig voor hun kinderen.
De getroffen mensen hebben tijd nodig om hun leven op orde te brengen en om psychologisch te herstellen van een ramp die te veel slachtoffers heeft geëist”, schrijft de PVDA.
Helaas krijgen veel werkende mensen die tijd niet omdat men geen betaald verlof (meer) kan nemen of men vreest voor inkomensverlies.

Om hieraan tegemoet te komen, dringt de PVA aan op een ‘rampenverlof’ dat voorziet in:

  • het recht op 10 verlofdagen, op te nemen binnen twee maanden na de ramp
  • behoud van het volledige inkomen voor de eerste 3 dagen en 82% voor de 7 daaropvolgende dagen, zoals bij andere verloven (bv. geboorteverlof)
  • zonder verlies van sociale rechten

Rechtsbron: https://www.pvda.be/pvda_vraagt_recht_op_rampverlof_voor_slachtoffers_watersnood

Zomerkamp geannuleerd of stopgezet door corona

Voor de periode van 01 juli 2021 tot 31 augustus 2021 worden de mogelijkheden tot aanvraag tijdelijke werkloosheid corona uitgebreid met volgende 2 specifieke situaties:

  • een kamp of een georganiseerde opvang waarvoor uw kind was ingeschreven is geannuleerd of wordt stopgezet omwille van een maatregel om de verspreiding van het coronavirus te beperken
  • uw kind kan niet naar een kamp of een georganiseerde opvang waarvoor het was ingeschreven omdat het kind in quarantaine is omwille van een maatregel om de verspreiding van het coronavirus te beperken

Bij de aanvraag dient het personeelslid een door hem en de organisator van het kamp of de opvang ondertekende aanvraag te overhandigen aan het bestuur.

Verder dient men met volgende zaken rekening te houden:

  • dit geldt voor contractuele personeelsleden
  • men kan niet telewerken
  • het betreft minderjarige kinderen waarmee men samenwoont
  • slechts 1 ouder kan van het recht gebruik maken
  • het kind moest ingeschreven zijn in het kamp voor de annulatie/stopzetting/quarantaine

Rechtsbron: Mededeling van de RVA van 15 juli 2021; https://www.rva.be/nl/documentatie/infoblad/t2#h2_2

Uitbreiding van het rouwverlof voor contractanten en statutairen

Op 17 juni 2021 nam de Kamer de wet tot uitbreiding van het rouwverlof bij het overlijden van een partner of een kind en tot het flexibiliseren van de opname van het rouwverlof aan. De wet moet nog gepubliceerd worden in het Belgisch Staatsblad en zal pas tien dagen nadien in werking treden.

Deze wet zal rechtstreeks van toepassing zijn op de contractanten bij de lokale en provinciale besturen. Voor de statutaire personeelsleden wordt een besluit van de Vlaamse Regering uitgewerkt. Men verwacht dat dit besluit zal afgrond zijn tegen eind 2021.

Aangezien de wet tien dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad rechtstreeks van toepassing zal zijn op de contractanten en de regelgeving voor statutairen pas eind 2021 voltooid zal worden, wordt aangeraden om in afwachting  van de definitieve goedkeuring van het nieuwe besluit van de Vlaamse regering, dienstvrijstelling te verlenen aan de statutaire personeelsleden, namelijk:

  • bij overlijden van de samenwonende partner of kind van het statutaire personeelslid of van de samenwonende partner: 6 werkdagen dienstvrijstelling, die de verantwoordelijke voor het dagelijkse personeelsbeheer toekent na opname van de huidige 4 werkdagen omstandigheidsverlof;
  • bij overlijden van een pleegkind van het statutaire personeelslid of van de samenwonende partner in geval van langdurige pleegzorg op het moment van het overlijden of in het verleden: 10 werkdagen dienstvrijstelling;
  • bij overlijden van een pleegkind van het statutaire personeelslid of van de samenwonende partner in het kader van kortdurende pleegzorg op het moment van het overlijden: 1 werkdag;
  • bij overlijden van een pleegvader of pleegmoeder van het statutaire personeelslid in het kader van langdurige pleegzorg op het moment van het overlijden: 4 werkdagen. Bij overlijden van een pleegvader of pleegmoeder van het contractuele personeelslid in het kader van langdurige pleegzorg op het moment van het overlijden: 1 werkdag.

Deze regeling van dienstvrijstelling kan dan komen te vervallen zodra het geplande besluit van de Vlaamse Regering in werking treedt.

Indien men in de RPR reeds voorzien heeft dat de algemeen directeur zelf dienstvrijstellingen kan toekennen, kan deze laatste snel bovenstaande principes toepassen. In de besturen die deze bepaling niet hebben, neemt in principe het bevoegde orgaan (vaak nog de raad) deze beslissing en voert de algemeen directeur deze uit. Dit komt dan ook ter sprake op een bijzonder onderhandelingscomité.

Bron: Mailing ABB 6 juli 2021

  • Haal meer
    uit uw
    personeelsbeleid
  • * Dynamische helpdesk
    * Onderbouwd advies van experten
    * Persoonlijke en actieve participatie

Nood aan een persoonlijke, efficiënte oplossing voor uw probleem?

Ons team van experten hoort graag meer van u
CONTACTEER ONS

Juridisch advies dat werkt.